
Het nieuwe uitstel rond de Vlietlijn stuit op kritiek van reizigersorganisatie ROVER.
Volgens Henk Toet van ROVER regio Den Haag wordt te lang gewacht met goed openbaar vervoer voor de groeiende Binckhorst. Hij begrijpt dat bewoners zorgen hebben over een tram door hun buurt, maar vindt dat ook naar het grotere geheel moet worden gekeken. ‘Mensen willen wel OV, maar niet door hun eigen straat’ zegt Toet hierover in het programma Midvliet Actueel.
De Vlietlijn moet Den Haag Centraal via de Binckhorst verbinden met station Voorburg en krijgt volgens de huidige plannen ook een aftakking richting Rijswijk en Delft. De besluitvorming over de nieuwe tramlijn loopt opnieuw vertraging op. Den Haag wil meer tijd, omdat er nog geen zekerheid is over de verplaatsing van afvalbedrijven op de Binckhorst. Die verplaatsing hangt samen met de bouw van duizenden extra woningen in het gebied.
ROVER noemt het uitstel teleurstellend. Volgens Toet merken niet alleen toekomstige bewoners daarvan de gevolgen, maar ook mensen die nu al in en rond de Binckhorst wonen.
‘Het is erg teleurstellend, met name voor de huidige bewoners die verstoken blijven van goed openbaar vervoer’, zegt hij. ‘Maar ook voor toekomstige bewoners is het geen goed vooruitzicht. Er komen nog duizenden woningen bij.’
Impressie Vlietlijn
Eerst openbaar vervoer, dan verder bouwen
Volgens ROVER moet een hoogwaardige openbaarvervoerverbinding niet pas worden aangelegd als een nieuwe wijk grotendeels is volgebouwd. ‘Op het moment dat je een wijk verder gaat ontwikkelen, moet je zo snel mogelijk zorgen voor goed openbaar vervoer’, zegt Toet. ‘Je moet niet wachten totdat iedereen er woont.’
De organisatie ziet de Vlietlijn bovendien niet als een losse verbinding. De lijn moet onderdeel worden van een groter netwerk en op termijn aansluiten op de zogenoemde Koningscorridor richting onder meer Madurodam en Scheveningen.
Volgens Toet is het daarom belangrijk om verder te kijken dan alleen naar de directe omgeving van de tramroute.
Zorgen bewoners serieus nemen
Juist in Voorburg-West en Rijswijk bestaat al langere tijd weerstand tegen de plannen voor de Vlietlijn. Bewoners maken zich onder meer zorgen over verkeersveiligheid, leefbaarheid, ruimtegebruik en de gevolgen van een tramlijn door hun wijk. Toet vindt dat die zorgen serieus moeten worden genomen, maar ziet tegelijkertijd dat bij grote infrastructuurprojecten vaak weerstand ontstaat zodra een verbinding dicht langs woningen komt te liggen.
‘Mensen willen wel openbaar vervoer, maar niet door hun eigen straat’, zegt hij. ‘Dat zie je vaker. Mensen kijken soms vooral naar hun eigen wijk of straat en vergeten dat je onderdeel bent van een groter geheel.’
Volgens hem moet bij de beoordeling van de Vlietlijn daarom niet alleen worden gekeken naar de directe overlast of inpassing, maar ook naar de bereikbaarheid van het hele gebied op langere termijn.
HOV-Binckbus als alternatief
De Buren van de Binckhorst zien meer in een ander plan. De bewonersgroep uit Voorburg en Rijswijk presenteerde deze zomer de HOV-Binckbus als alternatief voor de tram. Het plan gaat uit van lange elektrische gelede bussen die frequent tussen Den Haag Centraal en station Voorburg rijden.
Volgens de initiatiefnemers kan de busverbinding sneller en goedkoper worden gerealiseerd en zijn daarvoor minder ingrijpende werkzaamheden nodig. Ook vragen zij zich af of het verwachte aantal reizigers richting station Voorburg voldoende is voor een tramlijn.
ROVER deelt die twijfels over het aantal reizigers niet. Toet wijst erop dat de kwaliteit van een openbaarvervoerverbinding mede bepaalt hoeveel mensen ervan gebruikmaken. ‘Als je hoogwaardig en kwalitatief goed openbaar vervoer biedt, heeft dat een aanzuigende werking. Dan krijg je vanzelf meer reizigers’, zegt hij. ‘Buslijnen zijn in sommige gevallen natuurlijk onmisbaar, maar een railverbinding trekt meer reizigers dan een busverbinding, zeker als die op een vrije baan rijdt.’
Presentatie van de HOV-Binckbus als alternatief voor de Vlietlijn
Liefst zoveel mogelijk vrij baan
ROVER zou de toekomstige tram volgens Toet het liefst zoveel mogelijk gescheiden van het overige verkeer zien rijden. Hij verwijst daarbij naar RandstadRail bij de Beatrixlaan in Den Haag, waar het spoor deels op een viaduct ligt. ‘Het liefst heb je een verbinding die zoveel mogelijk kruisingsvrij is en daarmee bijna metrokwaliteit krijgt.’
Dat de aanleg van een tram veel geld kost, is voor ROVER geen doorslaggevend argument om voor een busverbinding te kiezen.‘Infrastructuur zijn niet alleen kosten, het is een investering in de toekomst’, zegt Toet. ‘Zo’n verbinding leg je aan voor tientallen jaren, zo niet voor een eeuw.’
‘Geen luxe’
Ondanks de vertraging verwacht ROVER dat de Vlietlijn er uiteindelijk wel komt. Toet wijst erop dat verschillende overheden eerder afspraken over de verbinding hebben gemaakt. Wel waarschuwt hij ervoor om de besluitvorming niet te lang vooruit te schuiven. Volgens hem dreigt anders een situatie waarin duizenden nieuwe bewoners onvoldoende alternatieven hebben voor de auto.
‘Als daar veel woningen worden gebouwd zonder hoogwaardige OV-verbinding, krijg je een groot probleem’, zegt Toet. ‘Goed openbaar vervoer is dan geen luxe, maar bittere noodzaak.’
Luister het hele gesprek met ROVER terug in de podcast van Midvliet Actueel: ROVER kritisch over uitstel Vlietlijn en plan HOV-Binckbus
Door: Karin van der Spek
Foto’s: archieffoto’s Midvliet











